Paralleldagen

Opleiders volgen naast de leergangen per jaar zes paralleldagen. Alle opleiders wiens aios deel uitmaken van de dezelfde opleidingsgroep komen bij elkaar onder leiding van de twee groepsdocenten van de aios (bij een duo is in ieder geval de hoofdopleider aanwezig).

De dagen vinden plaats op het instituut op de terugkomdag van de aios. Zij duren van 9.30 tot 16 uur. Van 16 tot 16.30 is gelegenheid om individuele gesprekken met de groepsdocenten te voeren.

Op de paralleldagen zitten beginnende, gevorderde en ervaren opleiders samen in een groep. De aios werkt gedurende de paralleldag in de praktijk.

Eenmaal per jaar worden gedurende een of twee dagdelen ook de aios uitgenodigd. Tijdens deze koppel(mid)dagen kan het opleider-aios-koppel met elkaar en andere koppels werken. In deze bijeenkomsten staat het plannen van leeractiviteiten en de begeleiding van en door de opleider centraal.

Wat gebeurt er tijdens de paralleldagen?

  • collegiale consultatie over begeleidingsvragen
  • afstemming van instituuts- en praktijkonderwijs
  • de medische thema’s per opleidingsfase
  • bespreken voortgang praktijkopdrachten
  • aandacht voor het IOP van de opleider
  • training didactische competenties, zoals het bespreken van video’s van leergesprekken
  • scholing op het gebied van nieuwe inzichten, ontwikkelingen en speerpunten, zoals op het gebied van wetenschappelijk onderzoek, arts-patiëntcommunicatie en praktijkmanagement
  • onderwijs van opleiders aan opleiders afhankelijk van de in de groep aanwezige expertise en leerwensen
  • thema’s die aansluiten bij de leerbehoefte van de desbetreffende groep
  • één middag per jaar: keuzeworkshops met accent op de transfer van het geleerde naar de opleidingspraktijk