Opleidingsplan opleiders

Uit Wiki HOVUmc
Ga naar: navigatie, zoeken


Regelgeving

Hoofd
Nettie Blankenstein

Teamleider opleiders
Mark Deves

Regelgeving

Het competentieprofiel van de huisartsopleider

Wij zien het als een van onze kerntaken om huisartsopleiders te scholen voor en te ondersteunen bij het opleiden van aios. Daarbij gaan wij uit van het landelijke competentieprofiel voor opleiders (zie de beknopte versie in bijlage 5).

Wij richten ons daarbij op alle zes taakgebieden te weten: 0 Handelen als expert, 1 Agogisch handelen, 2 Didactisch handelen, 3 Samenwerken, 4 Organisatie en 5 Professionaliteit.

Het zwaartepunt ligt op de taakgebieden 1 t/m 5 omdat huisartsen hierover het minst hebben geleerd. Onze missie is dat huisartsopleiders er bij ons een vak erbij leren - dat van docent en leerbegeleider.

Gedurende het hele curriculum ligt het accent op de taakgebieden 1-5. Waar mogelijk worden didactische competenties verbonden met medische thema’s.

Het curriculum voor de huisartsopleider aan de HOVUmc

Conform het landelijke scholingsplan voor opleiders onderscheiden wij vier niveaugroepen:

de aspirant-opleider, de beginnende, de gevorderde en de ervaren huisartsopleider.

Het curriculum bestaat uit paralleldagen en de leergangen.

leergangen

Opleiders gedurende hun hele loopbaan leergangonderwijs. Per jaar zijn dat vier dagen.  Elke cursus duurt 4 dagen (per jaar), verdeeld over 2 blokken van telkens 2 aaneengesloten dagen in juni en november.

In de tussentijd toetsen de deelnemers het geleerde in de praktijk, voeren opdrachten in de praktijk uit en koppelen de hiermee opgedane ervaringen in het tweede blok in november terug.

De leergangen zijn ‘niveau-homogeen’. Men werkt met opleiders van hetzelfde opleidingsniveau.

Het curriculum bestaat uit 5 leergangen, die elkaar opvolgen en na elkaar worden doorlopen. De leergangen 0 t/m 4 zijn voor aspirant, beginnende en gevorderde opleiders. Zij zijn verplicht en vormen het basiscurriculum.

Een hao schuift op naar de volgende leergang als aan de aanwezigheidsverplichting is voldaan en volgens de leergangdocenten de beoogde doelen zijn bereikt. In welke leergang men zit is dus niet gekoppeld aan het aantal aios dat een hao in opleiding heeft gehad, maar afhankelijk van hoeveel cursussen er succesvol zijn afgesloten.

Voor alle basisleergangen zijn uitvoerige onderwijsprogramma’s uitgeschreven en beschikbaar. Deze worden jaarlijks geactualiseerd. De groepssamenstelling blijft, mede op wens van de hao’s, gedurende de vier basisleergangen in principe hetzelfde. Doordat men elkaar goed kent, kan er persoonlijk en intensief gewerkt worden. 

Vanwege de twee startdata voor aios maart en september beginnen ook leergang 1 en 2 zowel in juni als in november. De leergangen 3 en 4 starten enkel in juni.

Deelnemers die in juni leergang 1 of 2 afgesloten hebben nemen in hetzelfde jaar eenmalig deel aan de novembermodule om daarna in juni in leergang 3 in te stromen.

Leergang 5 is het jaarlijks wisselende keuzecurriculum voor de ervaren opleiders.

Elk voorjaar wordt het recente leergangaanbod bekend gemaakt in de hao-proVUssioneel (zie www.hovumc/hao/proVUssioneel) .

Voor alle actieve opleiders die tijdens het eerste blok niet deel hebben genomen aan een leergang, wordt in november een tweedaagse module aangeboden. Deze module is om logistieke redenen niveau-heterogeen.

De cursussen worden door twee of drie docenten begeleid. In de basisleergangen werken uitsluitend stafleden, soms ondersteunt door een ervaren hao. Over het algemeen geven dezelfde docenten een cursus gedurende meerdere jaren.

Voor leergang 5 worden ook externe docenten uitgenodigd.

In alle cursussen wordt interactief gewerkt met aandacht voor de individuele leerpunten en –vragen van de deelnemers en hun recente opleidingservaringen.

Alle cursussen worden in juni en november schriftelijk geëvalueerd. De evaluatieformulieren en samenvattingen van de docenten worden gelezen door de teamleider opleiders, de beoordelingen bekend gemaakt en de formulieren opgeborgen in de dossiers van de betreffende leergangen.

Toelichting leergangen per niveau

De apirant opleider opleider

Leergang 0 - Oriëntatiecursus

Voor de selectie en eerste scholing van huisartsen die belangstelling hebben voor het opleiderschap aan de HOVUmc organiseert de opleiding 2 á 3 keer per jaar een kosteloze oriëntatiecursus van 1½ dag (van 15 tot 15 uur) met overnachting in een conferentieoord.

De deelnemers maken kennis met de visie en werkwijze van de HOVUmc ten aanzien het opleiden van aios en de rol van huisartsopleiders. Er wordt informatie gegeven over wat er van een opleider verwacht wordt, er worden basale communicatieve competenties getoetst en de deelnemers worden voorbereid op alle activiteiten die plaats vinden vóór de evt. koppeling aan een aios, t.w. het schrijven van een leerwerkplan, een opleidersprofiel en het voeren van een kennismakingsgesprek met belangstellende aios.

Na afloop stellen opleiding en deelnemers vast of ze met elkaar in zee willen gaan.

Bij wederzijds akkoord volgt er formele visitatie door de RGS.

De aspirant opleider

Leergang 0 - Startersdagen

Na de oriëntatiecursus en erkenning door de RGS wordt de opleider gekoppeld aan een eerstejaars aios (of soms een AMA).

Na de koppeling en vóórdat de aios in de praktijk komt organiseren wij twee op elkaar aansluitende startersdagen, waarin een eerste basis wordt gelegd op het gebied van taakgebied 2, 3 en 4.

Leergang 1 - De duizendpoot

In deze leergang 1 ‘De duizendpoot’, komen de eerste ervaringen met het opleiden aan de orde en worden in vogelvlucht de belangrijkste didactische basiscompetenties geoefend, o.a. met een acteur. In latere leergangen komen thema’s terug en vindt verdieping plaats.

Leergang 2 - Leergesprekken

Leergang 2 richt de focus op het leergesprek. Aan de hand van opnames van eigen leergesprekken en instructiemateriaal wordt het coachende begeleiden geoefend uitgaande van de verschillende doelen en thema’s van leergesprekken.

Leergang 3 - Expeditieleider

Leergang 3, de ‘Expeditieleider’, thematiseert het begeleiden van een langdurig leerproces. Hoe faseer je de begeleiding? De persoon van de opleider, omgaan met conflicten en ontkoppeling.

Leergang 4 - Doorstart

Leergang 4, de ‘Doorstart’, markeert de overgang van gevorderd naar ervaren opleider. De deelnemers maken een pas-op-de-plaats wat betreft hun ervaringen en kenmerken als opleider en toetsen de stand van hun begeleidingskundig niveau soms met medewerking van een acteur. Wat geeft energie en hoe wil ik me verder ontwikkelen

Om het aantal deelnemers onder de 15 te houden, worden alle basisleergangen gelijktijdig  in 2 of 3 groepen gegeven.

De ervaren opleider

Leergang 5

De ervaren opleiders kiest zijn/haar scholingstraject zelf.

Wij hebben ons tot taak gesteld het scholingsaanbod voor ervaren opleiders boeiend en prikkelend te houden. Daarom wisselt het aanbod van leergang 5 elk jaar en zoeken wij naar verschillende zwaartepunten ten aanzien van de taakgebieden van het competentieprofiel.

Het aanbod omvat cursussen die het instituut ontwikkelt en uitvoert (al dan niet met gastdocenten) en een ruim aanbod van alternatieven, zoals landelijke cursussen, supervisie, intervisie, deelname aan structurele HO-commissies en HO-werkgroepen, co-docentschap in het hao-curriculum, het hao-mentoraat, een kaderopleiding of eigen projecten.  

Paralleldagen

Opleiders volgen naast de leergangen per jaar 6 paralleldagen. Alle opleiders van wiens aios deel uitmaken van de dezelfde opleidingsgroep komen bij elkaar onder leiding van de twee groepsdocenten van de aios. (Bij een duo is in ieder geval de hoofdopleider aanwezig.)

De dagen vinden plaats op het instituut op de terugkomdag van de aios. Zij duren van 9.30 – 16 uur. Van 16-16.30 is gelegenheid om individuele gesprekken met de groepsdocenten te voeren.

Op de paralleldagen zitten beginnende, gevorderde en ervaren opleiders samen in een groep. Er wordt dus niveau-heterogeen gewerkt. De aios werkt gedurende de paralleldag in de praktijk.

Eenmalig per jaar worden gedurende een of twee dagdelen ook de aios uitgenodigd. Tijdens deze koppel/mid/dagen kan het opleider-aios- koppel met elkaar en andere koppels werken. In deze bijeenkomsten staat het plannen van leeractiviteiten en de begeleiding van en door de opleider centraal.

Wat gebeurt er tijdens de paralleldagen?
  • collegiale consultatie over begeleidingsvragen
  • afstemming van instituuts- en praktijkonderwijs
  • de medische thema’s per opleidingsfase
  • bespreken voortgang praktijkopdrachten
  • aandacht voor het IOP van de opleider
  • training didactische competenties, zoals het bespreken van video’s van leergesprekken
  • scholing op het gebied van nieuwe inzichten, ontwikkelingen en speerpunten, zoals op het gebied
  • van wetenschappelijk onderzoek, arts-patiënt-communicatie en praktijkmanagement
  • onderwijs van opleiders aan opleiders afhankelijk van de in de groep aanwezige expertise en  
leerwensen
  • thema’s die aansluiten bij de leerbehoefte van de desbetreffende groep
  • één middag per jaar: keuzeworkshops met accent op de transfer van het geleerde naar de opleidingspraktijk

Persoonlijke begeleiding

Praktijkbezoek 

Gedurende een opleidingsperiode wordt minimaal één praktijkbezoek door één of beide docenten afgelegd om ter plekke koppelgericht te begeleiden.

Voortgangsgesprekken

Door stafleden of hao-mentoren worden structureel individuele voortgangsgesprekken met de opleiders gevoerd. Met beginnende opleiders wordt minimaal 1x per jaar een voortgangsgesprek gevoerd. Minimaal 1x per 3 jaar vindt er met elke opleider een voortgangsgesprek plaats van ca. een uur.

HAO-mentoren

Ter ondersteuning van alle huisartsopleiders faciliteert de HOVUmc een pool van hao-mentoren. Voor de recente profielen van hao-mentoren zie de website.

Deze functie wordt vervuld door ervaren en didactisch bekwame hao’s, die gedurende meerdere jaren door aios positief zijn beoordeeld en door het instituut zijn benaderd of zich hebben aangemeld. Zij ontvangen hiervoor speciale scholing.

Een hao-mentor is continu beschikbaar als raadsman/-vrouw voor alle vragen die zich voor kunnen doen bij het opleiden en waarvoor men anderen dan de groeps- of leergangdocenten wil benaderen. Hij of zij is te consulteren zonder tussenkomst van de huisartsopleiding en waarborgt in dat geval privacy.

Een hao-mentor kan ook worden ingezet voor het voeren van voortgangsgesprekken met beginnende opleiders.

Toetsing en Kwaliteitsbewaking

Bij toetsing en zelftoetsing van huisartsopleiders maken wij gebruik van de

  • LEOh (Landelijke Evaluatie Opleider Huisartspraktijk). Dit is een landelijk vastgesteld evaluatieformulier waarmee de aios de opleider 2 keer per opleidingstraject evalueert en beoordeelt.
  • evaluatie van de opleider door de groepsdocenten.
  • beoordeling van de leergangdocenten als het erom gaat of het gewenste niveau in een leergang is behaald.
  • LHK (Landelijke Huisartsgeneeskundige Kennistoets). Deelname minimaal 1x per 2 jaar.
  • Structurele voortgangsgesprekken.
  • Zelftoetsing van opleiders, collegiale consultatie en peerassessment.

Kwaliteitsbewaking moet ertoe leiden dat de opleider meer inzicht krijgt in het eigen competentieniveau. In enkele gevallen zal dit uitmonden in een bindend advies om gericht aan kwaliteitsverbetering te werken.  

Voor het systematisch en longitudinaal volgen van een opleider is een commissie geïnstalleerd – de COMO (Commissie Ondersteuning en Monitoring Opleiders) - bestaande uit enkele hao-teamleden, stafleden, (ex-)opleiders en een vertegenwoordiger van het HAOVU-bestuur (als adviserend lid). Voor de actuele samenstelling raadpleeg de website.

De COMO legt om de zoveel tijd de volgende gegevens van alle opleiders naast elkaar:

  • de ingevulde (eind-)LEOh’s
  • het evaluatieformulieren die groepsdocenten aan het einde van elke opleidingsperiode over een opleider hebben ingevuld
  • het evaluatieformulier dat de docenten na een meerdaagse cursus in kunnen vullen met betrekking tot opvallende observaties (positief of negatief)
  • de gegevens over aan- en afwezigheid tijdens leergangen en paralleldagen
  • de verslagen van alle voortgangsgesprekken en evt. extra gesprekken, zoals nav een ontkoppeling

Voor zover de gegevens (opvallend positief of negatief) daar aanleiding toe geven en structureel naar aanleiding van een ontkoppeling worden individuele gesprekken gevoerd. Soms zullen daarbij afspraken worden gemaakt over wenselijke aanpassingen of scholingsactiviteiten.

Als dit niet tot zichtbare verbetering leidt, kan de teamleider opleiders in overleg met de voorzitter van COMO aan het hoofd van de opleiding adviseren de samenwerking met de betreffende opleider voorlopig of definitief stop te zetten. 

Ondersteuning opleidingspraktijk

Ter ondersteuning van de opleidingspraktijk organiseren wij jaarlijks scholingsmiddagen voor (afzonderlijk)

  • praktijkassistentes (de aios vervangt de assistente dan in de praktijk)
  • POH’s (voor zover mogelijk vervangt de aios dan de POH in de praktijk)
  • Maatjes (niet als opleider erkende ha-collega’s die een structurele bijdrage leveren in de opleiding van een aios).

Thema is de rol en mogelijke bijdrage bij de opleiding van een aios. Er wordt uitgewisseld over hoe dat er in verschillende praktijken uit ziet en er worden basale didactische vaardigheden geoefend, zoals feedback-geven.