Leerlijn professionaliteit

Uit Wiki HOVUmc
Ga naar: navigatie, zoeken


Leerlijn professionaliteit

Leerlijnhouder
Belinda Dolman
Gedragswetenschappelijk docent

Leerlijnmedewerkers
Max Roijé
Huisarts
Helle Poulsen

Inleiding

Van een huisarts wordt een hoge mate van professionaliteit verwacht. Omdat het een solistisch beroep is, wordt op de huisartsopleiding geleerd hoe je als huisarts zelf je professionaliteit kunt ontwikkelen en bewaken. Dit gebeurt, conform de Visie van de HOVUmc, door middel van zelfsturend leren, waarvoor deze leerlijn een aantal handreikingen en bouwstenen biedt.

De leerlijn bestaat uit 3 onderdelen: verantwoordelijkheid en zelfzorg (7.1), reflectie en actief leren (7.2) en beroepsethiek en respect (7.3). In deze onderdelen draait het om de professionele competenties uit het Competentieprofiel van de huisarts (2016). Een huisarts kan verantwoordelijkheid nemen, afstand en nabijheid in de werkrelatie hanteren, een goede werk-privébalans creëren, goede zelfzorg leveren, actief leren, een deugdelijke beroepsethiek ontwikkelen en de huisarts benadert iedereen met respect. De onderdelen van de leerlijn corresponderen met de competenties waarop getoetst wordt in de ComBeL.

Een belangrijke kernactiviteit gedurende de hele opleiding (en ook daarna) om deze professionele competenties te ontwikkelen is reflectie. Door kritisch naar het eigen gedrag te kijken en dit bij te schaven waar nodig worden ervaringen en cognities verankerd als beroepskennis in een professioneel referentiekader. Feedback en supervisie zijn in het eerste deel van de opleiding belangrijk om inzicht te krijgen in hoe de aios zijn/haar professionaliteit verder ontwikkelt. In de tweede fase van de opleiding (en tijdens het werkveld) zal intervisie met collega’s belangrijk zijn om het professionele niveau te bewaken.

De competentie professionaliteit

7.1 verantwoordelijkheid en zelfzorg

houdt persoonlijke en professionele rollen in evenwicht

De aios:

  • neemt weloverwogen verantwoordelijkheid voor de geboden zorg en de organisatie ervan en stelt prioriteiten.
  • houdt betrokkenheid en distantie in een gezonde balans.
  • is zicht bewust van de impact die houding en gedrag kunnen hebben op anderen en van de noodzaak om hieraan aandacht te geven.

Verantwoordelijkheid

  • houdt zich aan gedane beloften en afspraken.
  • verschuilt zich niet achter anderen, geeft anderen niet de schuld.
  • neemt, ook bij fouten, de verantwoordelijkheid voor de gevolgen van het eigen handelen.

Zelfzorg

  • vindt een balans tussen de eisen van het beroep en de behoeften van het privéleven.
  • vindt een balans tussen professionele distantie en persoonlijke betrokkenheid.
  • gaat adequaat om met gevoelens van onzekerheid en onmacht in de hulpverleningssituatie.
7.2 reflectie en actief leren

werkt systematisch en doelbewust aan verbetering van zijn beroepsmatig functioneren

De aios:

  • maakt eigen persoonlijk en professioneel handelen bespreekbaar en stelt verbeterpunten vast op basis van verkregen feedback = competentie.
  • stelt d.m.v. reflectie periodiek de persoonlijke leerbehoefte vast, neemt planmatig deel aan deskundigheidsbevordering en evalueert het effect.

Reflectie

  • benoemt de gedachten en gevoelens die anderen (patiënt, collega, onderwijsgroep) bij hem/haar oproepen.
  • analyseert het eigen gedrag tegenover anderen en stelt het gedrag zo nodig bij.
  • kijkt kritisch naar het eigen beroepsmatig functioneren en maakt een reële inschatting van de eigen sterke en zwakke kanten.
  • staat open voor feedback op het eigen functioneren, geeft zo nodig eigen lacunes, tekortkomingen en falen tegenover anderen toe.

Actief leren

  • werkt systematisch en doelgericht aan het eigen leren, op basis van zelfreflectie, feedback en toetsresultaten.
  • stelt concrete leervragen aan opleider, docenten en anderen en neemt initiatieven om nieuwe dingen te leren.
  • maakt voor specifieke leerdoelen een plan van aanpak, voert dit uit en evalueert het leerresultaat.
7.3 beroepsethiek en respect

gaat binnen het kader van de beroepsethiek bewust om met voorkomende verschillen in normen en waarden.

De aios:

  • handelt conform de geldende beroepscode.
  • gaat respectvol om me verschillen in normen en waarden voor zover ze niet strijdig zijn met de geldende ethische en medische gedragsregels.

Beroepsethiek

  • respecteert de eigen verantwoordelijkheid van patiënten en ondersteunt hen daarin.
  • geeft naar patiënten de grenzen van de medische (on)mogelijkheden helder aan, kan omgaan met de verschillende verwachtingen van patiënten.
  • gaat zorgvuldig om met morele hulpvragen (abortus, euthanasie).
  • gaat niet over de grenzen van de eigen deskundigheid heen.

Respect

  • geeft anderen feedback; doet dit op respectvolle wijze.
  • bejegent anderen respectvol, ongeacht geslacht, seksuele geaardheid, opleidingsniveau, ook wanneer hun opvattingen afwijken van de eigen opvattingen.
  • houdt rekening met schaamte, verlegenheid en terughoudendheid van patiënten.

Bouwstenen

Competentie (uit het Competentieprofiel)

7.1 De huisarts houdt persoonlijke en professionele rollen in evenwicht

  • neemt weloverwogen verantwoordelijkheid voor de geboden zorg en de organisatie ervan en stelt prioriteiten.
  • houdt betrokkenheid en distantie in een gezonde balans.
  • is zich bewust van de impact die houding en gedrag kunnen hebben op anderen en van de noodzaak om hier aandacht aan te geven.

Gedragsindicatoren (uit de ComBeL)

Verantwoordelijkheid

  • houdt zich aan gedane beloften en afspraken
  • verschuilt zich niet achter anderen, geeft anderen niet de schuld
  • neemt, ook bij fouten, de verantwoordelijkheid voor de gevolgen van het eigen handelen

Zelfzorg

  • vindt een balans tussen de eisen van het beroep en de behoeften van het privé-leven.
  • vindt een balans tussen professionele distantie en persoonlijke betrokkenheid
  • gaat adequaat om met gevoelens van onzekerheid en onmacht in de hulpverleningssituatie

Competentie (uit het Competentieprofiel)

7.2 De huisarts werkt systematisch en doelbewust aan verbetering van zijn beroepsmatig functioneren

  • maakt eigen persoonlijk en professioneel handelen bespreekbaar en stelt verbeterpunten vast op basis van de verkregen feedback.
  • stelt door middel van reflectie periodiek de persoonlijke leerbehoefte vast, neemt planmatig deel aan deskundigheidsbevordering en evalueert het effect.

Gedragsindicatoren (uit de ComBeL)

Reflectie en omgaan met feedback

  • benoemt de gedachten en gevoelens die anderen (patiënt, collega, onderwijsgroep) bij hem/haar oproepen
  • analyseert het eigen gedrag tegenover anderen (patiënten, collega’s, onderwijsgroep) en de beweegredenen die eraan ten grondslag liggen en stelt het gedrag zo nodig bij
  • zoekt actief naar het eigen aandeel in interacties met anderen (patiënt, opleider, enz.)
  • kijkt kritisch naar het eigen beroepsmatig functioneren en maakt een reële inschatting van de eigen sterke en zwakke kanten
  • staat open voor feedback op het eigen functioneren door opleider, collega’s en pa-tiënten, geeft zo nodig eigen lacunes, tekortkomingen en falen tegenover anderen toe
  • onderzoekt en verwoordt hoe eigen waarden en eigenschappen het werken als huisarts beïnvloeden en hoe deze zich verhouden tot de meer algemeen geldende beroepswaarden en -normen

Actief leren

  • werkt systematisch en doelgericht aan het eigen leren, op basis van zelfreflectie, feedback en toetsresultaten
  • stelt concrete leervragen aan opleider, docenten en anderen en neemt initiatieven om nieuwe dingen te leren
  • maakt voor specifieke leerdoelen een plan van aanpak, voert dit uit en evalueert het leerresultaat


Competentie (uit het Competentieprofiel)

7.3 De huisarts gaat binnen het kader van de beroepsethiek bewust om met voorkomende verschillen in normen en waarden

  • handelt conform de geldende beroepscode.
  • gaat respectvol om met verschillen in normen en waarden voor zover ze niet strijdig zijn met de geldende ethische – en medische gedragsregels

Gedragsindicatoren (uit de ComBeL)

Beroepsethiek

  • respecteert de eigen verantwoordelijkheid van patiënten en ondersteunt hen daarin
  • geeft naar patiënten de grenzen van de medische (on)mogelijkheden helder aan, kan omgaan met de verschillende verwachtingen van patiënten
  • gaat zorgvuldig om met morele hulpvragen (abortus, euthanasie)
  • gaat niet over de grenzen van de eigen deskundigheid heen

Respect

  • geeft anderen (mede-aios, opleider, andere collega’s) feedback; doet dit op respectvolle wijze
  • bejegent anderen respectvol, ongeacht geslacht, religie, afkomst, sexuele geaardheid etc. en ook wanneer hun opvattingen afwijken van de eigen opvattingen
  • accepteert verschillen in normen en waarden tussen verschillende hulpverleners en –vragers, tenzij deze strijdig zijn met de geldende ethische en medische gedragsregels
  • houdt rekening met schaamte, verlegenheid en terughoudendheid van patiënten


Leerlijnoverzicht

Categorie: De 10 huisartsgeneeskundige thema's
Kort Spoed Chron Ouderen Kind Psych ALK Pall Preventie Praktijk
Korte episode zorg
Spoedeisende zorg
Chronische zorg
Complexe ouderenzorg
Zorg voor het kind
Psychische klachten
ALK
Palliatieve zorg
Preventie
Praktijkmanagement
Categorie: Competentiegebieden
Medisch handelen Communicatie Maatsch. handelen Wetenschap Professionaliteit
Medisch handelen
Communicatie
Maatschappelijk handelen
Wetenschap
Professionaliteit
Categorie: Overige aandachtsgebieden
Diversiteit Seksualiteit Innovatie
Diversiteit
Seksualiteit
Innovatie